Beleggen kent risico’s. Je kunt je inleg verliezen.

Les 1.4

Geld en inflatie

Wat betekenen inflatie en rentebeleid voor de waarde van geld?

6 min
Test je kennis

Inflatie is geldontwaarding. Je spreekt van inflatie als producten en diensten duurder worden en je er dus minder van kunt kopen voor hetzelfde geld. Kortom, geld wordt door inflatie minder waard.

> In les 1.2.5 leer je meer over inflatie en de kosten van levensonderhoud. 

Woordenlijst

Wat is inflatie?

Inflatie is de afname van koopkracht: je kunt minder kopen van hetzelfde geld. 

Mikken op net iets onder de 2%

Centrale banken proberen met hun beleid inflatie te bestrijden. Of eigenlijk: ze proberen inflatie onder controle te houden. Helemaal geen inflatie is namelijk ook niet ideaal. 

Te veel inflatie

Bij te veel inflatie is sparen niet meer aantrekkelijk – want als geld steeds minder waard wordt, waarom zou je het dan nog oppotten voor later? Je kunt het dan beter zo snel mogelijk uitgeven aan de spullen die je nodig hebt, voordat die te duur worden. Het gevolg van hoge inflatie is dat er veel geld in omloop komt, want er wordt minder gespaard. 

Het nadeel van te veel inflatie is dat de prijzen onvoorspelbaar worden. Dat maakt bedrijven voorzichtiger met investeren, wat slecht is voor de groei van de economie.

Daarnaast stijgen de salarissen vaak niet meteen met de inflatie mee, waardoor veel mensen op korte termijn minder kunnen kopen voor hun loon. Dat zorgt voor onzekerheid over de toekomst en is ook niet goed voor economische groei. 

Negatieve inflatie

Aan de andere kant is negatieve inflatie ook niet wenselijk: ‘deflatie’ heet dat ook wel. Geld wordt dan niet minder, maar juist meer waard. Consumenten gaan dan juist veel sparen en stellen hun aankopen uit, om te profiteren van het feit dat alles steeds goedkoper wordt. Zo zit er veel geld ‘vast’ in spaarrekeningen en komt er te weinig in de economie. 

2% – precies goed?

Met hun beleid proberen centrale banken de inflatie ‘precies goed’ te krijgen: niet te hoog en niet te laag. Zo blijft de waarde van geld redelijk stabiel terwijl de economie groeit. Een inflatie van dichtbij, maar onder de 2% wordt als wenselijk gezien. 

Fig.1 Hoe inflatie het dagelijks leven beïnvloedt

Beleidsrente aanpassen 

Maar hoe sturen de centrale banken de inflatie bij? Dat doen ze door de rente aan te passen. Rente is de prijs die je betaalt als je geld leent. 

Is de inflatie te hoog? Dan kan de centrale bank de rente verhogen. Dat zit zo:

  • Commerciële banken (zie: les 1.1.3) lenen geld bij de centrale bank. De centrale bank vraagt hier rente voor. 
  • Door de rente te verhogen, wordt het voor banken duurder om geld te lenen.
  • De banken rekenen deze kosten door aan bedrijven en consumenten, waardoor lenen ook voor hen duurder wordt.
  • Bedrijven en consumenten lenen minder geld en geven daardoor minder geld uit.  
  • Als consumenten minder kopen, kunnen bedrijven hun prijzen niet zo makkelijk verhogen om meer winst te maken. Soms verlagen ze zelfs prijzen of geven ze korting, om toch producten te verkopen.
  • De prijzen gaan dus minder snel omhoog of dalen zelfs. Daardoor neemt de inflatie af.
  • Op deze manier stuurt de centrale bank met renteverhogingen of -verlagingen de inflatie bij.

Om te onthouden

  • Centrale banken proberen de waarde van geld zo stabiel mogelijk te houden.
  • Hiervoor proberen ze de inflatie te controleren: het liefst zit die dichtbij, maar onder de 2%.
  • Hun instrument daarvoor is de rente: deze passen ze naar boven of beneden aan. 
Test je kennis

Te hoge inflatie is onwenselijk, omdat…

er dan te veel spaargeld wordt opgepot, waardoor er te weinig geld in de economie komt
de prijzen snel stijgen, wat leidt tot onzekerheid onder consumenten en bedrijven
de vraag naar leningen dan te sterk afneemt
Naar de volgende les